Mijn energizers en energievreters

Schrijf een aantal activiteiten op die je tijdens de week doet ‘s morgens, overdag, ‘s avonds, op een normale werkdag, tijdens het weekend of vakantie. Maak een lijstje van een twintigtal activiteiten.

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………….

Bekijk nu elke activiteit op je lijstje en evalueer

  • als het je oppept, stimuleert zet dan een plusje naast de activiteit: dit zijn je energie-gevers!
  • als het je eerder leegzuigt, moe maakt zet dan een minnetje ernaast: dit zijn je energie-vreters!

Wat leer je uit deze oefening? Ikzelf kijk bvb. heel graag naar films, maar als ik heel eerlijk met mezelf moet zijn, dan moet ik toegeven dat ik daar eigenlijk mijn energie mee verlies. Wandelen, daar kan ik soms tegen op zien, maar dat geeft me dan weer heel veel energie! Dus het is niet omdat je dingen leuk vind, dat ze daarom je stemming op een positieve manier beïnvloeden! Kijk eens of je de plus-activiteiten in je leven meer ruimte kan geven en of je zo je stemming positief kan beïnvloeden. Dit is een heel eenvoudige oefening, maar als je het werkelijk uitprobeert, dan zal je de kracht ervan ondervinden!

Opdracht: hou de komende week een dagboek bij van alle activiteiten die je doet en evalueer of ze je energie geven of nemen in een tweede kolom

De week erna: kan je je week zo plannen dat je je energiegevers en energievreters in balans brengt.

 

Naar de volgende oefening